|
Het gezicht van de Celtics-ommekeer

Bird en Johnson, vrienden buiten het veld
Precies één jaar daarvoor was Bird tijdens de NBA Draft van 1978 door de Boston Celtics binnengehaald. De Celtics hadden de hoop dat Bird, die na z'n één na laatste college-jaar speelgerechtigd was voor de NBA, z'n laatste jaar zou overslaan ten faveure van de Celtics. In het seizoen 1977-78 hadden de Celtics het slechtste seizoen sinds 1949-50 achter de rug met een winst-verlies ratio van 32-50. Toen Bird echter koos voor nog 'n laatste college-jaar en dus niet na dat Celtics-rampjaar naar Boston besloot te gaan, vielen de Celtics in Bird's examenjaar zelfs terug tot 29-53. Maar toen Bird uiteindelijk 'n jaar later dan toch eindelijk naar Boston verhuisde voor het seizoen 1979-80, zette zijn komst één van de grootste ommekeers in, die een team in de NBA-geschiedenis wist te volbrengen. In Bird's eerste Celtics-jaar verbeterde Boston zich tot 61-21, een verbetering van 32 winstpartijen ten opzichte van het jaar ervoor. Hij leidde de Celtics in scores (gemiddeld ruim 21 punten per wedstrijd), rebounds (10,4), steals (143) en speelminuten (2955) en was tweede van het team met assists (4,5) en driepunters (58). Hoewel Magic Johnson, net als Bird, een indrukwekkend eerste jaar achter de rug had en zelfs NBA-kampioen werd met de Los Angeles Lakers, kaapte Bird voor de tweede keer een prestigieuze prijs voor de neus van Magic weg en werd tot NBA Rookie of the Year uitgeroepen. Ook maakte hij zijn eerste van in totaal twaalf opwachtingen in de NBA All-Star Game.
De eerste NBA-titel
In een van de meest opmerkelijke en ingewikkelde deals uit de NBA-geschiedenis, wisten de Celtics het seizoen daarop center Robert Parish en zesde man Kevin McHale naar Boston te halen en werd Larry Bird -tesamen met veteraan Cedric Maxwell- omringt door een ploeg die de Boston Celtics het NBA-kampioenschap van het seizoen 1980-81 bracht. Dat ging overigens een stuk minder makkelijk dan het hier klinkt. Boston overleefde een 3-1 achterstand tegen de Philadelphia 76ers in de Eastern Conference Finale en de Celtics keken eigenlijk gedurende de gehele playoff-serie tegen een achterstand aan, die uiteindelijk later dan toch weer steeds werd ingelopen. Ten slotte werden Moses Malone en de Houston Rockets na zes finale-wedstrijden verslagen voor de titel. Bird was aan het eind van de rit de onbetwiste nummer één van de ploeg in punten (21,2), rebounds (11), steals (131) en speelminuten (3239).
Nationale beroemdheid
Niet alleen was de Boston Garden in maar liefst 541 thuiswedstrijden waarin Bird meedeed, uitverkocht, maar ook waar Bird met de Celtics in het land verscheen, wilden fans van de tegenstanders hem zien. Samen met Magic Johnson bracht Larry Bird de destijds nieuwe NBA slogan ("NBA Action: It's FAN-tastic") tot leven en na twee seizoenen was Bird een nationale bekendheid geworden. Fans, coaches, pers en spelers kenden hem en de Boston Celtics en wilden hem zien spelen. De uren die hij als jongen had besteed aan zijn schot, betaalden nu hun dividend uit, want geen enkele andere NBA-speler was gedurende het Bird-tijdperk zó consistent als schutter. Zijn vrije worppercentage bijvoorbeeld, stond op een gegeven moment op een ongelooflijke 90 procent. Zijn drie opeenvolgende uitverkiezingen voor het NBA All-Defensive Second Team was natuurlijk omdat het een kundige verdediger was, maar niet zozeer omdat hij 'n goede één-tegen-één verdediger was, integendeel zelfs. Bovendien was Bird zelfs relatief traag voor een verdediger, maar iedereen was het over één ding eens: hij kon een wedstrijdsituatie niet lezen áls deze gespeeld werd, maar zag 'm al vóór deze zich aandiende.
Opgaande lijn
Bird finishte dat seizoen als runner-up ná Moses Malone als de NBA's Most Valuable Player, net als het seizoen daarop. Zijn 19 punten in de NBA All-Star Game tussen de Eastern en Western Conference van 1982, waarvan hij 12 van de laatste 15 punten scoorde, die door het East-team werden gemaakt, leverde hem wel de wedstrijd MVP-titel op, maar de Celtics zouden niet eerder dan in het seizoen 1983-84 weer in een NBA finale staan. Toch verbeterde Bird zichzelf constant. Tegen die tijd was Bird's puntengemiddelde al opgelopen tot ergens in de midden twintig en waren zijn assists al opgelopen tot gemiddeld zeven per wedstrijd.
Dubbele MVP
Nadat de Celtics in de NBA finale van 1984 in zeven wedstrijden van de Los Angeles Lakers wonnen, kreeg Bird dan toch zijn MVP-titel, de eerste van drie opeenvolgende en pas de derde speler in de geschiedenis van de NBA die dat voor elkaar kreeg, na Bill Russell en Wilt Chamberlain. Het was de eerste grote finale sinds de NCAA-finale van 1979 waarin hij weer tegenover rivaal Magic Johnson stond en het was een méér dan memorabele. In de vijfde wedstrijd van deze finale-serie schoot Bird in een snikhete Boston Garden 34 keer raak, waarmee de Celtics een 121-103 overwinning voor zich opeisten. In de zevende wedstrijd, waar een op dat moment record aantal tv-kijkers in Amerika naar keken, was ondermeer zijn double-double goed voor de 111-102 eindwinst. Vanwege zijn 27,4 punten en zijn maar liefst 14 rebounds gemiddeld over die zeven wedstrijden, kon het niet anders dat Bird ook tot MVP van deze finale-serie werd uitgeroepen.
Eerste blessures
Zijn scoringsgemiddelde schoot in het seizoen 1984-85 omhoog naar 28,7 punten per wedstrijd, het op één na hoogste aantal van de NBA in dat seizoen en ook het op één na hoogste aantal in z'n carrière. Dat gemiddelde werd voor een deel omhoog gestuwd door de maar liefst 60 punten die hij dat seizoen in de wedstrijd tegen Atlanta scoorde, een persoonlijk record. Ook zijn 56 driepunters (van de 131 pogingen) bracht hem op de tweede plaats van de NBA ranglijst, na Byron Scott van de Los Angeles Lakers. Blessures aan elleboog en vingers waren er debet aan, dat de Celtics in de NBA finale van 1985 in zes wedstrijden het onderspit dolven tegen de LA Lakers, maar brachten Bird's tweede achtereenvolgende MVP niet in gevaar.
Topjaar
 Het jaar daarop winnen de Boston Celtics hun 16de NBA titel en Larry Bird wordt na dat seizoen 'gewoonweg' gepromoveerd tot levende legende. Zijn lijst met ere-titels dat seizoen is dan ook even lang als indrukwekkend: NBA MVP, NBA finale-MVP, de Sporting News Man of the Year en de Associated Press Male Athlete of the Year. Ook is hij met 82 stuks de nummer één op de driepuntsschutters-lijst en wint hij de driepunts-wedstrijd die dat jaar tijdens het NBA All-Star Weekend voor de allereerste keer wordt gehouden. Ook wordt hij nummer één op de lijst van beste vrije worp-nemers met een ongehoord hoog percentage van bijna 90% (89,6), terwijl hij ook nog eens in drie andere categorieën in de top-10 eindigt. Het zijn verbijsterend hoge cijfers voor een forward en het wekt dan ook geen verbazing dat de Boston Celtics het reguliere seizoen met 67 overwinningen en slechts 15 nederlagen afsluiten, een record in de periode dat Bird voor Boston speelt. In de NBA finale tegen de Houston Rockets benaderen de gemiddelden van Bird bijna de triple-double (24 punten, 9,7 rebounds en 9,5 assists per wedstrijd). In de beslissende zesde wedstrijd zijn Bird's cijfers formidabel: 29 punten, 11 rebounds en 12 assists. Zijn tweede finale-MVP titel is dan ook een logisch gevolg van deze uitzonderlijke aantallen.
Topjaar v2.0
Ook in het jaar daarop brengt een ontketende Larry Bird de cijfer- en recordfanaten van de NBA in vervoering. Hij weet als eerste NBA-speler in de geschiedenis in één seizoen zowel zijn schotpercentage boven de 50% (52,5%), als zijn vrije worpprecentage boven de 90% (91,6%) te tillen. En om te bewijzen dat die cijfers geen toeval waren, deed hij dit het jaar daarop nog even dunnetjes over met een schotpercentage van zelfs iets hoger, 52,7%, en een percentage rake vrije worpen van -weer- 91,6%. En tussen neus en lippen door pakte hij ook nog even in beide seizoenen ruim negen rebounds onder de borden vandaan en overhandigde 6 assists aan z'n medespelers. Ook Bird's meest beroemde steal kwam uit dit seizoen en wel tijdens de vijfde wedstrijd van de Eastern Conference finales van 1987 tegen Detroit. Met nog vijf seconden te spelen en de Celtics op een 107-106 achterstand, geeft de scheidsrechter een ietwat dubieuze inbal aan de Pistons. Bird onderschept de inbounds pass van Isiah Thomas, ziet Dennis Johnson vrij staan, die op zijn beurt de niet te missen layup raakschiet en de Celtics de overwinning oplevert in een fysieke en bitter serie tegen Detroit. De Celtics staan daarmee voor het vierde achtereenvolgende jaar in de NBA-finale en voor de derde keer tegen de Los Angeles Lakers. Die laatsten winnen de finale echter in zes wedstrijden. Bird, op dat moment 30 jaar en in toenemende mate last van z'n rug en voeten, wint geen vierde kampioenschapsring, maar er zou nog genoeg Bird-heroiek volgen...
Net geen dertig als gemiddelde
In het seizoen 1987-88 wordt Bird de eerste Celtic-speler die een zgn. 40-20 in één wedstrijd maakt met 42 punten en 20 rebounds tegen Indiana. Zijn 29,9 punten per wedstrijd is het hoogste gemiddelde uit zijn hele loopbaan en hij komt slechts vijf punten te kort voor een gemiddelde van dertig punten. Ook wint hij zijn derde achtereenvolgende driepunts-wedstrijd tijdens het NBA All-Star Weekend, een prestatie die later alleen nog door Chicago Bulls-speler Craig Hodges wordt geëvenaard (in 1990-91-92). In de beslissende zevende wedstrijd van de halve finale in de Eastern Conference, raakt Bird in een hevige shootout verwikkeld met Dominique Wilkins van de Atlanta Hawks, die Bird in het vierde kwart in zijn voordeel beslist door in dat ene kwart 20 punten te scoren en daarmee de Celtics de overwinning geeft. In de Conference-finale gaat Boston echter onderuit tegen de Detroit Pistons.
Blessuregolf
Operaties aan beide hielen zorgen ervoor dat Bird in het seizoen 1988-89 geen enkele rol van betekenis kan spelen in de NBA en de slechts zes wedstrijden die hij dat seizoen speelt, zijn niet noemenswaardig, maar in het seizoen daarop is hij weer terug, speelt degelijk, maar zonder échte uitschieters, behalve één: hij schiet 71 opeenvolgende vrije worpen raak, het op twee na hoogte aantal in de NBA-geschiedenis. Het jaar daarop moet Bird 22 wedstrijden missen als gevolg van een serieuze rugblessure, opgelopen in het tweede kwart van een play-off wedstrijd tegen de Indiana Pacers, waarna hij geblesseerd naar de kant moest. Hij kwam in het derde kwart echter terug en hielp de Celtics met een van pijn vertrokken gezicht naar een emotionele 124-121 overwinning. Na het seizoen werd hij aan z'n rug geopereerd, maar de blessure bleef hem last geven, een blessure die hem -volgens sommigen- uiteindelijk z'n carrière zou kosten en in ieder geval het einde ervan zou bespoedigen.
Het laatste seizoen
Het seizoen 1991-92 was Bird's laatste. Vanwege zijn aanhoudende rugproblemen miste hij maar liefst 37 wedstrijden, maar in maart liet hij nog 'n laatste stunt zien. Voor het oog van heel televisiekijkend Amerika scoorde hij 16 punten in het laatste kwart tegen de Portland Trailblazers, waarvan de laatste negen Celtics-punten alleen maar van hem kwamen, inclusief een driepunter in de laatste twee seconden, waardoor hij een verlenging afdwong voor Boston. De Celtics wonnen het duel uiteindelijk, na twee verlengingen, met 152-148 en Bird had daar een formidabel triple-double aandeel in met 49 punten, 14 rebounds en 12 assists, aangevuld met 4 steals. Toch was het dus geen rozegeur en maneschijn meer in dat seizoen voor Larry Bird. Een van zijn weinige (vermeldenswaardige) blunders was een routinematige, maar hopeloos gemiste lay-up tegen de Cleveland Cavaliers in de verlenging van de vierde play-off wedstrijd. Een score zou Boston op gelijke hoogte hebben gebracht én 'n tweede verlenging hebben afgedwongen, maar zijn misser 'voorkwam' dat. Boston verloor in zeven wedstrijden van de Cavaliers, voornamelijk omdat Bird in drie van de vier verloren wedstrijden niet mee kon doen wegens rugproblemen.
Olympisch succes

Bird en Johnson met (symbolisch?) vóór hen Michael Jordan
Het einde van Bird's loopbaan was nu echt nabij, maar hij zou nog één keer alles geven en dit keer niet voor de Boston Celtics, maar voor zijn vaderland. Tijdens de Olympische Spelen van 1992 in Barcelona stond geen enkele maat op het in alle wedstrijden dominant spelende Olympische basketbalteam van de Verenigde Staten en met een even dominant spelende dreamteam-trio Larry Bird, Magic Johnson en Michael Jordan ging het goud probleemloos naar de Verenigde Staten.
Mede door het oppermachtige geraas waarmee het eerste Amerikaanse Dream Team korte metten maakte met alle tegenstanders en zelfs in de final Kroatië verpletterde (117-85), werden miljoenen basketbalfans in een constante staat van vervoering gebracht en werd de sport wereldwijd alleen maar nóg populairder gemaakt, mede dankzij Bird, die hiermee ook internationaal heeft bijgedragen aan de populariteit van het spel.
|